Boek

Mijn liefje staat een paar gedichten uit zijn dertiende bundel te printen voor een optreden als ik via de mail de drukproef van mijn eerste roman binnenkrijg. Ik krijg het warm wanneer het PDF-bestand traag binnenkruipt. Onmiddellijk scrol ik door het bestand naar onderen. Het duurt even voor ik er ben en dat stelt me gerust.

In Drenthe op het platteland aan de bosrand staat een grote boerderij waar een fijne vrouw alleen woont. Zo nu en dan leent ze me een schrijfkamertje en een slaapplek om een paar dagen rustig te kunnen tikken. De dagen gaan er traag voorbij, naar het ritme van de dieren. Paarden voeren, stal uitmesten. Koffie. Schrijven. Hond uitlaten. Schrijven. Paarden in de wei zetten en stront ruimen, Schrijven.

Toen ik er vorig jaar januari kwam met het idee aan de roman te starten, zette ik de eerste zeven duizend woorden op papier. In de weken die volgden, maakte ik de eerste versie van het verhaal af. ’s Avonds na een dag werken in de boekhandel als mijn dochter lag te slapen en in de weekenden wanneer zij bij haar vader was en het huis stil. Na drie maanden was het verhaal verteld. Dat was het makkelijke gedeelte. Het gedeelte waarin ik mijn eigen redacteur was. Toen niemand nog met een rode pen door de tekst ging en opmerkingen in de kantlijn schreef zoals: ‘Wat bedoel je hiermee?’  ‘Dit woord gebruik je wel erg vaak.’ ‘Kun je dit niet anders formuleren?’

Gedurende de zomermaanden van 2018 raakte ik tamelijk gefrustreerd omdat het een dun boekje bleef dat niet goed genoeg was. Ik rende van klus naar kind naar winkel en in de tussenliggende vrije schrijfuren kostte het me te veel tijd om in de juiste modus te geraken. Als ik eindelijk weer wist waar mijn eigen verhaal naartoe moest, was het tijd om te vertrekken, om de hond uit te laten, om eten te koken, om aan het werk te gaan. Betááld werk wel te verstaan, want schrijven doe je voor de lol.

Na de zomer zegde ik mijn baan in de boekhandel op, leende mijn huis uit aan vrienden en trok in een aftandse boshut zonder warm water en CV maar met een diepe stilte in de enorme tuin. Ik tikte verder aan de tuintafel en was dankbaar voor de mooie, warme maanden oktober en november.

Ik scrol door het bestand naar onderen om bij de laatste pagina aan te komen. Pagina 176. Hoewel ik tot op het woord nauwkeurig weet hoeveel woorden het boek telt, blijf ik maar bang dat het niet dik genoeg is. Zoals een gedicht van mijn hand nooit wérkelijke poëzie is, een bundel niet het échte werk was, een voordracht altijd maar geklungel blijft. Maar nu komt er een boek. Het is een roman van 176 pagina’s. Hij heeft een prachtige kaft en verschijnt bij een geweldige Uitgeverij. Over de inhoud mogen jullie zelf oordelen. Vanaf 4 oktober ligt ie in de winkel.

3 Replies to “Boek”

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s